Dag 8. C’est ma vie

Bergen, de plaats op aarde met de meeste regen. Maar dan wel in Noorwegen. Niels is de andere kant op en is in Bergen, met een van de mooiste Grote Markten van België. Daar genoot hij intens van zijn eerste biertje in een lange periode. In de wetenschap dat Parijs nog best ver is. Het leven zit soms tegen, en soms ook mee, zoals de Bergense Adamo al zong.

Un demi litre bière

Lopen en rennen

Gisteren (vrijdag) 50 kilometer gewandeld, dat was wel prettig. Maar de laatste 10 kilometer toch maar gaan hardlopen, uit noodzaak. Het werd snel donker en langs de invalsweg voel je jezelf -zonder vier wielen- opgejaagd wild. Snel van deze weg af. En daarna was het zoeken en dolen naar uiteindelijk hotel Lido. Ik was eigenlijk helemaal op. Toen ontstond het idee om een rustdag in te lassen.

Massage

Vandaag zou ik me dus goed kunnen verzorgen. Een massage, een sauna, goed eten en de route goed voorbereiden.
Dat eerste ging meteen al niet goed: geen massage te vinden. Hier in Bergen is er geen Violet. En als er al gemasseerd wordt moet je langs een Franstalige voicemail. Dus ik ben maar op pad gegaan. Ook dat leverde geen beschikbare plekjes op.

Ik denk dat Vlaams-Hongaars-Roemeense Violet een lot uit de loterij was. Maar Leuven zien we niet meer in de achteruitkijkspiegel. Niels kijkt vooruit.

Sauna

“En dan gaan we twee keer uitgebreid in bad”, zong Henk Westbroek. Niels is twee keer naar de sauna geweest op de rustdag. “Het hoorde bij het hotel, dus waarom niet. En tussendoor inkopen voor de dag van morgen. De zon scheen heerlijk over de terrassen op de Grote Markt van Bergen. Zo heerlijk dat ik de verleiding niet kon weerstaan om een biertje te drinken. De ober begreep echter niet dat ik aan een klein biertje genoeg had en schotelde me een halve liter voor.

Daarna naar het hotel om te rusten en te eten. Niet uit eten, dat kost toch best veel tijd en in mijn kamer kan ik lekker liggen. In een restaurant ziet dat er best gek uit.

Asfalt

Vandaag ook gerealiseerd dat de finale gaat beginnen, mede omdat ik morgen Frankrijk inloop. Parijs is haalbaar maar niet via de Komoot-route voor hardlopen. Die is echt genieten maar soms een hel: slechte paden, natte weilanden en brandnetels. Ik heb met de Komootdeskundige vanuit het café een route met meer verharding uitgekozen. Vanuit m’n hotel in Bergen is het nog 235 kilometer tot de Eiffeltoren. Dat kan ik in vier dagen afleggen, ben ik woensdagavond in Parijs, reis ik donderdag terug en vrijdag om 16.00 uur in het Wielercafe Parijs is nog ver.

Fourage voor Frankrijk

Back on track

Etappe 5 en 6 waren echt wel een struggle. Ik ben de laatste jaren naar trailrunning toegegroeid maar ik voel me toch beter op asfalt. Door keuze voor meer asfalt kom ik back on track. Ik heb alles ingepakt, de wekker gezet om morgen vroeg te vertrekken. Morgen staat Kathelijn bij de finish van de dag. Ze heeft dan een slaapplek geregeld. Dat zal schelen.
Ik ga kijken of ik weer kan opschakelen van wandelen naar hardlopen, rustig aan, niet forceren. Ik heb er vertrouwen in dat ik het ga redden.

C’es ma vie, c’est pas l’enfer, c’est pas le paradis

Een korte samenvatting. Adamo (uit Mons) zegt het mooi en het klinkt nog beter. Weinig meer aan toe te voegen.

Dag 7. De klungelende mens

Geregeld bekruipt me een onbestemd gevoel over de mensheid: een mix aan geniale en onzinnige ideeën enerzijds en een ongekende hoeveelheid energie en geld anderzijds om daar invulling aan te geven. Het feit dat ik slechts van een fractie van die onzinnigheid kennis heb stemt me melancholisch.
Ik heb het niet over Niels, of toch wel. Want hij loopt door België, het land van de belachelijke ideeën, en hij praat ons bij over de klungelende mens.

Niels houdt er niet van beloften te breken. Gisteravond beloofde hij in Waterloo voor vandaag actieve rust: een marcheer-etappe zou het worden. En een marcheer-etappe werd ’t.
De kilometers kropen als een bejaarde slak over ons mobieltje. Maar … het vorderde gestaag en Niels was vroeg aan de dag begonnen.


Het beloofde een zware dag te worden met flink wat hoogtemeters, waarbij vooral de afdaalmeters een aanslag op de achillespezen zouden kunnen zijn. Waar je met de fiets bij 14% alleen met je vingers hoeft bij te remmen staat de lopende atleet altijd ‘aan’.
Gelukkig was onze protagonist goed voorbereid en heeft hij de 6e etappe zonder problemen overleefd. Moe maar voldaan vleide hij zich in een van de twee bedden die het Lido van Mons met de fraaie naam ‘de sleutel naar de sterren’, hem bood.

Praatjes

Door zijn actieve-rust-dag kwamen de praatjes weer terug. Een buikspreek-act van een draaiend hek, vrolijk soppen door het natte gras, stroom van de boer en een beetje donderjagen op de campus van Mons (bij Bergen). Het antwoord uit het wielercafé bleef niet uit. Een aanmoediging met guirlandes en fluitjes.

Met zijn scherpe blik legde Niels ook een van de meest kapitaalintensieve projecten van onze zuiderburen vast. Een scheepslift bij Strépy-Thieu. De bakken van de lift zijn ruim honderd meter lang en hebben gemiddeld 3,75 meter water. De lift brengt schepen naar een hoogte van 73 meter, het Henegouws plateau. En ook weer naar beneden als ze het uitzicht hebben bewonderd.


Waar de Belgen vooral heel erg mee in hun nopjes zijn is dat door staatkundige veranderingen (van staat naar gewest) het allemaal veel sneller en goedkoper kon. De aanleg begon in 1982. In 2002 werd het eerste schip naar het plateau gebracht. Door problemen met de ondergrond kostte het project 647 miljoen euro, vier keer zo duur als was begroot.

Rustdag in Bergen

De klungelende mens, maar binnenkort komt Niels door de loopgraven. Laten we daar nog maar niet aan denken. Eerst een rustdag en dan de Franse grens over.